Hypotheekrente van een recreatiewoning aftrekbaar? Blog van Jos Raets

Dinsdag 04 Sep 2018
Volgens het Hof in Den Haag wel.

Een belastingplichtige met een recreatiewoning als koopwoning, heeft in de buurt van het werk (op meer dan 120 km afstand) een huurwoning. De belastingplichtige heeft een hypotheek op de recreatiewoning. De hypotheekrente heeft de belastingplichtige in box 1 in aftrek gebracht op de inkomsten uit eigen woning.

Een woning dient als eigen woning in box 1 op het moment dat de woning anders dan tijdelijk als hoofdverblijf ter beschikking staat. Met hoofdverblijf wordt gedoeld op de ‘centrale levensplaats’. Deze plaats wordt naar de omstandigheden beoordeeld, analoog geïnterpreteerd zoals in artikel 4 AWR. Alsdan gaat het om de vraag: ‘Waar speelt het middelpunt van de persoonlijke belangen van de belanghebbende zich af?’

In deze zaak geldt min of meer het volgende: 

Het geschil met de belastinginspecteur gaat over de kwalificatie van de recreatiewoning. Kan dit een eigen woning zijn als bedoeld in box 1, welke dient als hoofdverblijf van de belanghebbende?

De argumenten van de inspecteur om de huurwoning en niet de recreatiewoning als eigen woning aan te merken, zijn gelegen in het feit dat belanghebbende meer elektriciteit, gas en drinkwater verbruikt in de huurwoning. Daarnaast voert de inspecteur aan dat belanghebbende de consumptieve uitgaven voornamelijk in de buurt van de huurwoning verricht. Tevens bevinden de tandarts, apotheek en podoloog zich in de buurt van de huurwoning.

Daarentegen voert belanghebbende aan dat alle ‘sociale’ gelegenheden plaatsvinden in de recreatiewoning, zoals: de weekenden, feestdagen en vakanties. Hoewel de recreatiewoning niet voor permanente bewoning gebruikt mag worden, speelt het leven van belanghebbende er zich voor bijna de helft van de tijd af (170/365ste).

De rechtbank oordeelt net als de inspecteur dat de recreatiewoning in dit geval niet dient als eigen woning.

Het Hof oordeelt het tegenovergestelde. Het Hof voert aan dat de persoonlijke levensbelangen van belanghebbende zich afspelen in de recreatiewoning. De argumenten van de inspecteur wegen minder zwaar dan de argumenten van belanghebbende bij de beoordeling van de vraag: ‘Waar speelt de centrale levensplaats van de belastingplichtige zich af?’

Kortom, het is dus mogelijk dat de hypotheekrente van een recreatiewoning, hoewel niet geschikt voor permanente bewoning, aftrekbaar is als eigenwoningschuld in box 1. De feiten en omstandigheden van het geval zijn echter beslissend bij de kwalificatie van de eigen woning. Bent u ook in het bezit van een recreatiewoning en herkent u deze situatie? Neem in dat geval contact op met uw belastingadviseur om de mogelijkheden te bespreken.

Bron: Hof Den Haag 12-06-2018, ECLI:NL:GHDHA:2018:1416

 

mr. Jos Raets

Junior Belastingadviseur